Hier worden in 2026 drie Stolpersteine (struikelstenen) onthuld voor:
Esther Valk-Pels
Bertha Querido-Valk
Jonas Valk
De onderduikgever was Antoon van Wijngaarden en zijn huisgenote Geertruida Hulsebos.
Er waren vier onderduikers: Esther Valk-Pels met haar dochter Bertha Querido-Valk en met haar zoon Jonas Valk. Ook Jacobus Querido, de echtgenoot van Bertha, was daar ondergedoken.
De familie Valk kwam uit Rotterdam.
Medio september 1943 werd de familie Valk gearresteerd door twee Hollandse SD-ers (een van de twee was genaamd Siwers uit Den Haag). Jacobus Querido verstopte zich in de kelder en werd niet gevonden. Hij bleef in het huis tot enkele dagen voor de bevrijding en vertrok naar Rotterdam.
De onderduikgever, Antoon van Wijngaarden werd verhoord en verklaarde dat het geen Joden waren maar mensen uit Rotterdam die weg moesten vanwege het bombardement. Antoon werd niet opgepakt.
Esther, Bertha en Jonas werden vervoerd naar het politiebureau. Bertha wist uit het politiebureau te vluchten. Maar werd opgespoord en gedeporteerd naar Westerbork. Ook de anderen werden via Scheveningen naar Westerbork vervoerd.
De onderduikers werden verraden door Jacob Elders die op nummer 16 woonde. Hij werd in 1945 veroordeeld tot een gevangenisstraf van 5 jaar. Wegens het, tijdens de oorlog, opzettelijk blootstellen van anderen aan opsporing, vervolging vrijheidsberoving, enz.
Esther Valk-Pels is op 29 september 1943 aangekomen in Westerbork en vermoord in Auschwitz op 22-10-1943.
Bertha Querido-Valk is ook op 29 september 1943 aangekomen in Westerbork en op 22-10-1943 vermoord in Auschwitz. Esther was 27 jaar.
Jonas Valk is ook op 29 september 1943 aangekomen in Westerbork. Op 25 februari 1944 is hij vervoerd naar Theresiënstadt. Op 16 mei 1944 gedeporteerd naar Auschwitz. Op 31 maart 1945 is Jonas Valk omgekomen in Schwarzheide bij Sachsenhausen.
Bron: Herinneringsbomen Laren