Dinsdag 12 september 2023 werden op de Neuhuijsweg 10 in Laren twee Stolpersteine (struikelstenen) onthuld in het bijzijn van drie generaties Querido en uitgeverij Querido, voor:
Emanuel Querido
Jane Querido - Kozijn
Emanuel Querido werd in 1871 geboren en was woonachtig op de Neuhuijsweg 10 in Laren en was in Amsterdam werkzaam als boekhandelaar en uitgever. Hij was de oprichter van Querido's Uitgeverij. De schrijver Israël Querido was zijn broer; de boekhistorica Lotte Hellinga-Querido is zijn kleindochter.
Tijdens de tweede wereldoorlog dook Emanuel met zijn vrouw Jane onder in Laren en later ook nog in Blaricum. Ze vielen in handen van de Duitse bezetters door verraad en beiden overleden in kamp Sobibór in Polen op 23 juli 1943. Hun enige kind Arie overleefde de oorlog.
Bij de onthulling van de 2 Stolpersteine op de Neuhuijsweg 10 in Laren waren maar liefst 3 generaties Querido aanwezig:
Kleinzoon Jaap Querido - hij heeft de Stolpersteine officieel onthuld.
Zijn zoon Jeroen Querido las een bericht voor van Lotte Querido (een kleindochter van Emanuel en Jane - nu 91 jaar)
De kleinkinderen van Jaap Querido waren aanwezig
Daarnaast waren bij de onthulling aanwezig:
Geert-Jan Jongeneel - Eigenaar en huidige bewoner van Neuhuijsweg 10
Ed Spetter en Alex Oostvogel - Bestuur Stolpersteine Laren Blaricum
Patricia de Groot - Directeur van de uitgeverij Querido
Emanuel Querido was een zoon van Aron Querido en Esther Lopes Dias. Als jongeman leerde hij het diamantvak, maar vestigde zich in 1899 als zelfstandig boekhandelaar op de Binnen-Amstel in Amsterdam. Datzelfde jaar trad hij in het huwelijk met Jane Kozijn. Het echtpaar kreeg één zoon die de oorlog heeft overleefd.
Hij was aanvankelijk een kleine boekhandelaar, maar begon in 1915 de uitgeverij N.V. Em. Querido in Amsterdam. Sinds 1929 woonde het gezin op de Neuhuysweg in Laren. Ook Alice Emilie van Nahuijs (Den Helder 15-2-1894), kantoorbediende bij Querido’s boekhandel/uitgeverij, ging daar wonen.
In het voorjaar van 1933 werd op initiatief van Emanuel Querido de exil-uitgeverij N.V. Querido Verlag opgericht. Hier werden Duitstalige werken uitgegeven die in Duitsland onder Hitler niet meer konden worden gepubliceerd. Na 1940 werd de uitgeverij onder beheer gesteld van een Verwalter.
Als in 1942 joden op last van de Duitse bezetter verplicht naar Amsterdam moeten verhuizen, verklaart de Blaricumse huisarts Herman de Vries Robbé op 23-9-1942 dat zo’n verhuizing voor zijn patiënte, mevrouw J. Querido-Kozijn, fatale gevolgen zal hebben aangezien zij een sterk verhoogde bloeddruk en een zware hartkwaal heeft. Met de nodige stempels en een handtekening legaliseert burgemeester J.J. (Jan) Klaarenbeek van Blaricum, waar De Vries Robbé zijn praktijk heeft, die verklaring.
Emanuel Querido en zijn vrouw doken onder op de Zwaluwenweg 1 in Blaricum. Het was toen een pension met de naam 'Refugium' beheerd door de zusters De Graaf. In 1943 zaten er zeven joodse onderduikers. Tot 9 juli 1943 als, na verraad, bij een inval zes van hen worden opgepakt: Jo Gerstner/Jozef Thaler, Marianna Schavrien-Blom, Abraham (Bram) Kopman, Laija Kopman-Thaler, Emanuel Querido en Jeanne Querido-Kozijn. Ze hebben de oorlog niet overleefd.
Wanneer de Querido’s precies zijn ondergedoken is onduidelijk, de correspondentie met de Liro-bank loopt tot 7-1-1943. Op 1-2-1943 wordt Emanuel Querido volgens zijn Joodse Raadkaart medewerker van die Raad, waardoor hij een Sperre voor transport verkregen zou hebben. Het is echter niet onwaarschijnlijk dat Querido dan al in onderduik zit. Hun huis wordt op 18-5-1943 ‘gepulst’ (leeggehaald door de firma Puls).
Emanuel en Jane Querido hebben dus niet lang in ‘Refugium’ doorgebracht: na hun arrestatie werden ze op 20 juli 1943 via Kamp Westerbork naar Sobibor gedeporteerd waar ze op 23 juli werden vermoord.
Alice van Nahuijs van Uitgeverij Querido verklaart na de oorlog dat het onderduikadres van de Querido’s door Hollanders verraden is. Zoon Arie Querido verklaart na de oorlog dat huisarts De Vries Robbé bemiddeld heeft bij het vinden van een onderduikadres. Correspondentie verliep via deze huisarts.
Arie Querido: ‘kort na de Tweede Wereldoorlog zocht de opperwachtmeester van de Rijkspolitie J.W. Post mij op. Hij was te Blaricum gestationeerd en had veel voor de slachtoffers van het naziregime gedaan. Van mijn ouders had hij een aantal bezittingen uit de handen van de bezetter weten te houden, welke hij aan mij overdroeg. Dit waren enige kunstvoorwerpen en meubelen; van enige literaire arbeid van mijn vader was niets aanwezig. Na de dood van Post in 1971 werd door de zonen van Post nog een pakketje met een manuscript gebracht.
Bron: Herinneringsbomen Laren